Uncategorized

Zo dus!

In een kringloopcentrum tikte ik een boek van Benoite Groult op de kop. Dat is altijd riskant, omdat ik dacht, dat ik alle boeken van Benoite al gelezen had. Deze titel: ‘Uit liefde voor het leven’ kwam me niet bekend voor. Nou zegt dat niets. Het zou kunnen dat ik in de jachtigheid van het leven letters, woorden en boeken consumeer met een verlaagd bewustzijnsniveau, omdat nog honderden andere dingen zich proberen op te dringen. Een gesprek met een verre vriend bijvoorbeeld of een radio die de stilte verbreekt, een Poezenpluis die net zo lang tussen mij en de laptop springt, zodat ik het tenslotte niet meer kan negeren. Als ik er niet met mijn volle tegenwoordigheid van geest mee bezig bent dan verdwijnt de titel als sneeuw voor de zon.

Maar deze dus, Uit liefde voor het leven, daar schrijft ze doorgaans over. Maar dit gaat verder dan de liefde. Dit gaat over ouder worden en over de bril waarmee naar die oudere gekeken wordt. En weer raakt ze me met de eerste gedachtengang die bij me aangewakkerd wordt, als ze haar vragen op ons afvuurt.

De hoofdpersoon is Moira, een vrouw op leeftijd. Ze vraagt zich af waarom het zo voelt, dat de mensen haar niet meer als gelijke beschouwen, dat het lijkt of men dwars door haar heen kijkt als ze een mening geeft. Haar kleinkinderen kunnen niet bevatten dat ze ooit jong is geweest. Oma is immers geboren als oma. Wie is dat kleine sepia meisje op de foto, met die hoepel in haar hand, in dat pierenbadje met haar gebreide badpakje. Die is toch allang dood.

IMG_2835

Oma zijn is meer dan dat, bepleit ze. Kinderen zijn kinderen, niet meer dan dat, nou ja, ze zijn zoveel ontwikkelingsfases als ze groot zijn, peuter, kleuter, schoolkind, puber, adolescent in een. Oma’s en opa’s zijn eigenlijk zoveel meer. Die hebben alle fasen doorlopen en verzameld, krachtig laten uitgroeien tot een persoon, nu in haar nadagen wat doorschijnend, maar met elke vorm van kennis en ervaringskracht over de afgelopen jaren. Ze weten hoe elke fase voelt, ze weten hoe elk kind zich voelt, ze weten, dat er van alles en nog wat roet kan gooien in de zinderende toekomstplannen, de voornemens, het ideaal gestelde doel.

Oma’s en opa’s kunnen als buffer fungeren, als troostdoek, als raadgever, als vangnet. Maar de nieuwe oudere is alleen maar bezig met krampachtig niet ouder te worden en daarmee is men de huidige oudere aan het verschimmen.

Herinnering: Oma komt langs. Mijn moeder waarschuwt ons, want dat betekent minstens deemoedig ondergaan wat ons als lot beschoren is. De litanie van mijn oma rechtstreeks tegen mijn vader gekeerd, over de kinderschaar, de vermeende armoede, de  enorme vracht werk die het met zich mee brengt, aan te horen zonder commentaar. Oma dwingt dat af. Het gaat mijn voorstellingsvermogen te boven om mijn lieve, kleine, scheve, kijvende oma, als klein kind achter de vlinders boven een goudgeel boterbloemenbed te zien huppelen of met haar kleine beentjes hoepelend de straat af te zien dribbelen.

Heb ik ooit haar verdriet voor me gehaald toen de twee Wimpies stierven, een als baby en een als vierjarige. Als kind was dat niet mogelijk, maar later toen ik zelf moeder werd. Heb ik me ooit mijn oma als moeder gedacht? In hoeverre ben ik nog moeder voor de oma-zeggers. Het vervaagt, je naam verandert ongemerkt. Ik ben altijd mijn eigen naam geweest voor de kinderen, maar nu heet ik anders, al jaren. Ik heb het gelaten, hardnekkig als het zich vast bijt. If you can’t beat them, then eat them, maar hoe.

Benoite reageert vanuit een overspoelde weemoed, maar heeft ook een punt. Ik heb mezelf  nooit als oma in die zin gezien. Wel als alle personages, samengesmolten in mijn persoontje. Ze komen naar buiten als dansende, poppenspelende, zingende, kleurplatenmakende, slaapliedjes zingende, verhalen vertellende, schrijvende kind, de moeder, de oma. Zichzelf, warrig, fantasierijk en levenslustig. Zo dus.

 

 

 

 

One thought on “Zo dus!

Comments are closed.