Uncategorized

Zwart.

In het boek het geheime leven van kleuren wordt een tijdsspanne beschreven waarin de kleur ondergeschikt werd bevonden aan lijn en vorm. Door de eeuwen heen klonk de veroordeling van kleuren ‘als een ladder in een nylonkous’. Er zijn zelfs tijden geweest waarbij uitbundige kleur als scharlakenrood voorbehouden was voor een kleine selecte elitegroep en de aardetinten met name voor de arme plattelandsbevolking. Kleur als sociale status, kom daar nu nog maar eens om. De hippies in de jaren zeventig hulden zich in een bonte explosie van kleur. Het antwoord daarop waren de jaren van het diepste zwart van de punkers.

Vanaf de puberteit heb ik zwart omarmd. Ook in de hippietijd. De jassen van mijn oma, die ik droeg, waren zwart, maar ik herinner me ook nog een maxi gobelinjas, waar ik van hield. De binnenkant was van een zacht goudgeel en de buitenkant was als een bloementapijt van kleurschakeringen. In mijn kast ligt heel veel zwart. In de periode dat ik mezelf had voorgenomen te ontzwarten kwam er meer kleur. En toch voel ik me altijd nog het meest op mijn gemak in dat mooie zwart.

Er was een tijd in de zeventiger jaren dat we heel erg bezig waren met het verven van wol en katoen met natuurlijk materiaal zoals planten-en groenten-aftreksel. Het werd gebruikt om het vilt te kleuren en de ruwe grof gesponnen schapenwol te verven. Er was tijd voor. Het leven verliep langzamer toen de kinderen nog klein waren en ik brood kon bakken, stof kon verven, kleren in elkaar flanste, ging haken en breien. Zeeën van tijd vond ik tussen de dagelijkse beslommeringen door.

412Turner licht aan het Wassenaarse strand.

Bij het nieuwe huis dat we vonden, was de periode van bruin en oranje, dat tot dan toe het interieur had bepaald in een klap over. Het werd wit wat de klok sloeg. Witte gordijnen, witte muren, witte meubels, hoe onpraktisch ook. Dat bracht tegelijkertijd ruimte in het hoofd. Het effect met een combinatie van een kleur ernaast was groot. In het geheime leven van kleuren haalt Kassia. St. Clair de grote Turner aan, de koning van het magische licht.  ‘Licht is dan ook kleur en schaduw de afwezigheid daarvan’ Zijn kleurschakeringen zijn onmiskenbaar. Het licht van Turner vind ik terug op de winterdagen aan zee. Het brengt een sfeer van geheimzinnigheid en belofte en altijd en overal is een zweem oranje te ontdekken. Schaduw is de afwezigheid van licht, maar niet van kleur. Als ik een slagschaduw wil hebben, blijft kleur er onderdeel van uitmaken.

Heerlijk om mee te spelen zijn de restvormen die er tussen de vormen in bestaan en die een bijzondere betekenis krijgen door kleur of juist de afwezigheid daarvan. Met Kazimir Malevitsj kwam het zwart terug. Zijn zwarte vierkant in 1915 werd de drager van het suprematisme, waarin hij de kunst als autonoom beschouwde los van de politiek of het sociale leven en zwart en de primaire heldere kleuren verheven werden..

In de mode is de zwarte jurk dankzij Coco Chanel net zo’n icoon geworden en niet meer weg te denken. Annemarie van Haeringen schreef het boek Coco of het kleine zwarte jurkje met grappige illustraties die het boek vervolmaken. Het zwart van Jules Deelder zal voor eeuwig verbonden zijn aan het wasmiddel, wat duidelijk maakt dat reclame sterker kan werken dan de overtuiging op zich.

Mijn zwart is die van de kracht en de elegantie. Ondanks de poging te ontzwarten blijft het mijn ‘kleur’, zoals de nacht mijn dag blijft, waarin woorden de gedachten vormen, de stilte binnenvalt en het leven overpeinzing en verdieping krijgt.