Volgende week moet ik drie dagen invallen in groep vier en dat is een hele nieuwe ervaring. Ik heb geen idee hoe de kinderen zullen reageren. Als voorbeeld neem ik kleinzoon Luca met voetbal als grootste hobby, maar ook met de momenten van een gefronst en diep nadenken over de serieuze kanten van het bestaan. Ik denk aan Mees Kees, de film die ik gezien heb en waarbij de jonge meester vooral het roer omgooit en de gebruikelijke kost in een nieuw jasje steekt. Ik denk aan alle keren dat ik voor het eerst iets nieuws moest doen, waar ik nauwelijks kaas van had gegeten.
Het voelt als spannend, maar ook als een uitdaging. ‘Al het begin is moeilijk’ fluistert het verleden over mijn schouder. Ik moet er drie dagen zijn, dus het is iets anders dan een dag overleven. Bovendien heb ik me voorgenomen om zinvol en betekenisvol te zijn, ook als ‘losse’ inval en het maximale uit de aanwezigheid van de kinderen, maar ook uit een digibord te halen. Dat laatste is geen sinecure, want tot nu toe ben ik de laatste der Mohikanen die nog op de meest directe manier les geeft, alleen met mezelf en de mouw die tot aan de nok toe gevuld is met liedjes, drama, literatuur en projectonderwerpen met de meest boeiende en tijdloze verhalen. In die zin zal het niet lastig zijn.
Ik denk terug aan de periode dat ik na twintig jaar weer mijn intrede deed in de onderbouw. Of aan het jaar dat ik voor het eerst een dag per week, naast Jan, in groep 3, 4, 5 stond. Jan, die een volkomen natuurlijk overwicht had en alleen maar twee keer hoefde te kuchen om het stil te krijgen. Daar kon ik met mijn prille onervaren aanpak echt niet tegenop. Een sprong in het diepe, die toch eigen werd. Onzekerheid en een schuchtere aanpak die uitgroeide tot een volkomen natuurlijk ‘jezelf’ mogen zijn.
De brede trap.
Of aan die eerste dagen in het ziekenhuis, waar ik blanco en onwetend van de rollercoaster aan emoties die over me heen zou komen, schoorvoetend aan het bed van een patiënt stond. Praatjes maken met volslagen onbekenden in de rol van ervaringsdeskundige, terwijl je dat bij lange na niet bent. Dealen met verdriet en pijn, zelfs met de dood en daar een weg in zien te vinden. Met kleine stappen de ladder op, tot het een brede trap werd, die naar kennis en kunde leidde.

Mijn eerste bezoek als wijkverpleegkundige, een centrale factor in de intimiteit en de eigenheid van mensen, in wiens leven deze rol zo belangrijk bleek te zijn. Het alom luisterende oor, verpleegkundige, maatschappelijk werker en psycholoog ineen en toch er samen uit zien te komen en deze afhankelijkheid aanvaardbaar weten te maken met respect voor elkaar.
Er zullen altijd eerste keren zijn, hoe oud we ook worden. Al die ontmoetingen zijn een stap in een nieuwe ontwikkelingsfase en steeds weer zal het nieuwe energie opleveren. Een uitbreiding van het klankbord, een frisse kijk op het leven in het algemeen en nu, in dit geval, het onderwijs in het bijzonder. Het mes snijdt aan twee kanten. Het is niet alleen voor mij nieuw, maar ook voor de kinderen en precies op dat punt zal het grote ‘ontmoeten’ zijn in wederzijds begrip en vertrouwen. We gaan er voor.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.