Overpeinzingen

Om te koesteren

Een stralende zon toen ik rond elven in de ochtend de deur uitstapte. De viooltjes in de bakken op de galerij veerden op. Reikhalzend koesterden ze de warmte.

Aan de zijkant van het Julianapark, ooit aangelegd als De Tuin van Kol in 1903, was, al zolang als ik het me kan herinneren, een zalig oord voor de kinderen uit de omliggende wijken en voor bomenliefhebbers. Als we vroeger naar het Julianapark gingen was het feest. Mijn moeder hield van de kruidentuin en de oude bijzondere verzameling bomen. Er liggen hier vele voetstappen en stapjes van ons gezin in het grint. In de jaren ‘50 was het broodnodig als stukje natuur in de rap volgebouwde nieuwe wijken van Utrecht. Al die jaren heeft het park zich kunnen handhaven en de sepia foto’s van het vermaarde hobbelpaard met mijn al even sepia broers, nichten en neven erop en de moeders ernaast zijn er de stille getuigen van. Het consultatiebureau was er vlakbij, dus mijn moeder met haar elf kinderen kwam er nog wel eens langs en dan was een uitstapje gauw gemaakt. Natuur snuiven. Zo gaat dat als je alleen over een stadstuintje beschikt.

In de omheinde speeltuin was de helft van de familie met kinderschare aanwezig. Het wachten was op de oudste dochter en de oudste zoon en co. Iedereen zat genoeglijk met hun kroost op of rond een bankje, men hielp kinderen op schommels, draaide aan een molen, of hielp een kind de touwen in. Een prachtige mengelmoes van culturen, die met elkaar vreedzaam op dit zonnige speeleiland verkeerden, een lust voor het oog. Toen we compleet waren, mocht eerst de kleine Nyong zijn derde verjaardag dunnetjes overdoen met galmend lied en familiecadeau’s. Drie incognito paashazen gingen daarna op pad om de eitjes op de hoge heuvel, de traditionele plek, te verstoppen. Ondertussen legde ik uit dat de beer op de vis er al stond toen ik een heel klein meisje was en dat we daar allemaal wel opgezeten hadden. Nu stonden ze een beetje verloren in het grint, maar vroeger was het de fontein van het pierebadje, dat in de zomer werd gevuld met water.

Ergens halverwege kregen we een seintje dat we mochten komen. Op de heuvel werden de regels uitgelegd door zoonlief en kon het grote zoeken beginnen. Aandoenlijk om te zien hoe de groten de kleinen hielpen. Het was de bedoeling dat niemand al zou eten, want we zouden de gevonden eieren verzamelen en dan alles eerlijk verdelen. Groot, klein en verrassingsei, ieder kreeg evenveel. Zoonlief had op het eind nog een leuk spel bedacht. Hij had allemaal eitjes op zijn broek en trui geplakt en de hazenoren aan van zijn dochter en zo ging hij onder aan de heuvel staan en mocht ieder individueel proberen een eitje te bemachtigen. Hoe ouder de kinderen hoe sneller en ingewikkelder het sprintje wat hij erbij maakte. Heel erg leuk. Daarna konden we allemaal tevreden met de verdeelde buit op het stenen muurtje zitten. Muizende katjes mauwen niet. De dosering was afhankelijk van de omringende ouders. Mijn moeder glom vast met mij mee op haar wolk, bij het zien van deze liefdevolle oude traditie in een moderne jas.

Daarna was er volop gelegenheid voor een afterparty op het voetbalveld en konden de kleintjes nog even naar believen in de speeltuin spelen. Zon, schoonheid en blije gezichten met deze Paasviering. Om te koesteren.

2 gedachten over “Om te koesteren

Geef een reactie op lem2 Reactie annuleren