Heerlijk en rustig ontwaken na een onrustige nacht. Het kan. Kennelijk waren de televisie-docu’s over Palestijnse gevangenen in Israel en daarna de oxycodon-verslavingen iets te overweldigend, want de zwaarte van de beelden vermengde zich met mijn dromen. Drie nachtmerrie-achtige onrust veroorzakende dromen. Tussendoor tijd te over voor de dagelijkse lesjes Hongaars. In de hele vroege ochtend opnieuw van vermoeidheid in slaap gevallen en dit keer zonder droom.
Na een kalme ochtend reden we tegen twaalven naar Den Burg om een bloemetje ergens op te diepen en vervolgens naar vriendinlief te rijden, met in de buik van Agaath de tas met herinneringen. We zien elkaar maar gemiddeld een keer per jaar, maar het gesprek gaat, na warme en liefdevolle omhelzingen, onmiddellijk de diepte in. We hadden afgelopen jaren te maken gehad met een zeer nabij verlies. Als dat een gemeenschappelijke deler is, brengt dat troost. Omdat je veel van elkaars verhalen herkent en omdat je de weg die het verlies zoekt vol begrip kan volgen.
Altijd weer ben ik verbaasd dat zij en ik vanaf het moment dat we elkaar voor, nu vijf jaar geleden, voor het eerst leerde kennen, er een lijntje tussen ons gesponnen werd. Vandaag de dag lijkt het of we al jaar en dag dikke vriendinnen zijn. Lief kent haar al lang, van zijn tijd op Texel en vooral ook toen ze met haar man in Hongarije een wijnhuisje kochten. Meer dan een vriendin, iemand om van te houden en te omarmen. Altijd optimistisch over het vervolgen van haar leven ondanks de vele tegenslagen van de laatste jaren. Haar glas is altijd half vol, net als het onze en dat schept een band.
Bijpraten tussen de lunch door dus die duurde en duurde, het was zo warm en sfeervol en daarna kwam er nog lang geen einde aan, want iedere keer vielen we van het ene onderwerp in het andere. Rond vieren moesten we echt weer op pad, omdat we de galerie wilden bezoeken waar de prachtige etsen en de lino’s van vriendinlief ten toon gesteld waren. Dus namen we met een lichte weemoed afscheid, tot gauw, tot eens, tot ooit, maar wel weer binnen een jaar.

De galerie bleek in het oude postkantoor van de Koog te zijn gevestigd en had een voor de hand liggende naam gekregen: Het posthuys. We werden achterom geleid naar de enorme aangebouwde serre en al van buiten was te zien dat hier de Kunst in klein en groot, eenvoudig tot uit de voegen gebarsten, van volleerd kunstenaar tot opkomend kunstenaar werd omarmd. Ik deed de mannen de groeten van vriendinlief en ze wezen ons de weg naar boven waar haar werk stond. Eerst even rondkijken, soms ademloos, soms nieuwsgierig, soms geroerd. Wat een mooie verzameling van alles waar je maar iets mee zou kunnen uitdrukken. Grappig en verrassend waren de ‘Kwallenlampen’, de enorme verzameling vazen, waardoor ik onmiddellijk aan mijn zusje moest denken, en de kleine zeegezichten. Ook de bronzen beelden in het begin. Veel vogels en hier en daar een schaap.
Daarna op naar een echt authentiek dorp, dus kozen we voor Oudeschild, waar er geen vreemde modernismen waren toegevoegd aan prachtige oude huizen en waar alle historie glorie mocht uitstralen. Daar in de haven hadden we een heerlijk en eenvoudig avondmaal en daarna reden we na een alleszins geslaagde dag door de stikdonkere nacht voldaan naar huis.
Rijke dagen zo te lezen
LikeGeliked door 1 persoon
Dat zijn het❤️Lieve groet😘
LikeGeliked door 1 persoon
Mooi verhaal van een geweldige historische omgeving .
LikeGeliked door 1 persoon
Dankjewel, een aanrader. ❤️
LikeLike
Een dag met gouden randen.
LikeLike