Na die drukke dag met twee leesclubs achter elkaar heb ik de hele wijk afgezocht voor Agaath naar een plek om de nacht door te halen. Er zijn teveel busjes op de grote parkeerplaats en achter de flat staat het al snel vol want dat zijn relatief weinig plaatsen. De wijk er tegenover meer dan vol, met chaotisch geparkeerde exemplaren, maar bij de drie scholen aan de overkant bleken er voldoende plaatsen die leeg stonden. Hoera. Weliswaar niet in het zicht maar vooral veel ruimte. Om te onthouden. Weliswaar pas over twaalven thuis. Nachtbraker pur sang,
De avond was heerlijk. Interessante onderwerpen. Op de eerste plaats het boek ‘Ik ben een eiland’, een debuut van Tamsin Calidas. Twee van ons hadden hier en daar moeite met de breedsprakigheid en de lijdzaamheid van de hoofdpersoon. De vier anderen waren er zeer door geroerd. Af en toe dacht ik, grijp in, schreeuw, maak gewag van het onrecht en meer van dat soort opstandigheid in de geest.
Een van de onderwerpen, die eruit voortkwam, was de vraag in hoeverre je je zou moeten aanpassen aan de gebruiken, de gewoonten, de ongeschreven regels en de riten van de gemeenschap waar je naar toe verhuist. Dat ging zover tot het stilzwijgen bij opgelegde wetten, bijvoorbeeld in landen als Iran en Afghanistan maar daar, omdat er sprake is van onderdrukking van de vrouw in het bijzonder, is er heel veel stil verzet, eenvoudigweg omdat je anders vast komt te zitten. De actie van de vrouwen om de hoofddoek af te doen was dan ook zo intens dapper. Dit alles was in verband met de vrouw op het eiland die vooral van de stugge kerels uit de gemeenschap, die zich allerlei vrijheden aanmatigden, behoorlijk wat hinder ondervond, vooral als ze uitgesproken mannentaken uitoefende toen haar echtgenoot haar verlaten had.
Er was aandacht voor het verhuizen naar zo’n gesloten gemeenschap en daarna ook voor het thema: ‘Wat als je alleen achterblijft als je in de middle of nowhere woont’. Dood werd een item. ‘Maak het bespreekbaar. Het is een normaal onderwerp.’ Ook als je jonger bent dan ik (ik ben de oudste). Dat vond een van ons, die zelf onder andere van stervensbegeleiding in de ruimste zin van het woord haar beroep heeft gemaakt. Zo diep kan het gaan, die gesprekken van ons en dat maakt deze groep zo bijzonder. Het nieuwe boek dat we gaan lezen is: ‘Op een andere planeet kunnen ze me redden’ van Lieke Marsman.
Na mijn zoektocht in de nacht was het gebruikelijkerwijs later deze ochtend. Als eerste waren de apotheek en de dokter aan de beurt. Ik heb een soort wratje ontdekt, waar het niet hoort te zitten en ik wil er naar laten kijken voordat ik naar Verweggistan vertrek. De agenda van de huisartsen zaten voller dan de mijne. Precies om half vier op de vrijdag voor het vertrek kan ik terecht. Nou ja, in ieder geval krijg ik dan hopelijk goede raad. Bij de apotheker was er iemand die me kon helpen door vooral praktische oplossingen aan te reiken, bijvoorbeeld voor de Ascal die niet in de oude vorm te krijgen was, maar wel wist ze een tabletje met nagenoeg dezelfde eigenschappen. Top.

Daarna was de tuin aan de beurt. Een tikje ontmoedigend, die lange takken van drie wilgen, na de vier van vorige week. Verstand op nul en gaan, staken maken, wél met gelukkig de trillers van de koolmees en de roodborst als begeleiding. Thuis wachtte de nieuwe biografie, die van Greet Hofman. Altijd leuk om het mysterieuze kantje van deze intrigerende vrouw te leren kennen en dan tegelijk een vonkje Juliana mee te pikken. Alles gevat in zo’n 600 bladzijden. Aan boeken geen gebrek.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.