Nou, de zoveelste dag van veel. Ja, ja, het blijft maar doorgaan met afspraken en bezoekjes. Vandaag was de eerste reünie, in petit comité, van de volksdansvereniging uit de jaren ‘80. Wat vliegt de tijd, want het is inmiddels toch alweer zo’n 36 jaar geleden dat de club nog in leven was. Haar leden gelukkig nog steeds, dus zaten we met vier leden van het eerste uur bij elkaar en genoten vandaag een samenzijn en een lunch. Er vlogen herinneringen over tafel die niet altijd in chronologische volgorde verliepen, maar wel van lieverlee werden gerangschikt in de juiste lijn.
Een van ons zat in een rolstoel en daarmee werden we onmiddellijk met de neus op de feiten gedrukt dat het leven voor iedereen iets anders in petto heeft en dat gezondheid niet voor iedereen is weggelegd. De humor won het van de ellende. Haar manlief, ook zeer bekend bij ons, kwam haar brengen, dronk een bakkie mee en liet de rest graag aan ons over, evenals de man van onze gastvrouw. Dat was prima. Achter elkaar vlogen de opgegraven momenten over de tafel, regelmatig lagen we in een appelflauwte en was er herkenning en waren er vraagtekens, liefdevolle ‘ach ja’s’ en nog meer verdwenen opgravingen.
We waren er om elf uur en om 15 uur waren we eigenlijk nog niet uitgekletst maar toen werd een van ons gehaald. Ach ja. Dit houden we erin, beloofden we elkaar.
Nu zit ik op de bank en haal mijn verzuim van de ochtend in. De napret is minstens zo groot. Maar ook de overpeinzingen dat al die levens zo’n eigen verloop kunnen hebben en dat het spreekwoord: Ieder huisje draagt zijn kruisje’, nog altijd bewaarheid is. Ik voel me gezegend en rijk met al die schatjes om me heen en met lief en de twee (t)huizen.

Gisteren kwamen broer en schoonzus van Lief lunchen op doorreis naar hun vakantieadres. Ze wonen toch nog altijd een goed uur rijden hier vandaan, dus we lopen de deur niet plat. Altijd fijn om elkaar te treffen. Het soepje ging er bij schoonzus in als koek. Broerlief at nooit zoveel in de middag maar liet zich in dit geval de rosbief goed smaken. Zo leuk om een beetje uit te pakken met wat luxere dingen. Eens in de zoveel tijd blijft verwennerij een feestje op zich. Voor broerlief in de Hof hadden ze een metaaldetector meegebracht die nog onverlet in de schuur stond. Een luxe exemplaar waar hij vast mee verguld is. In de bodem valt hier en daar zeker wat aan waardevols te traceren, met al die Habsburgers in die goeie ouwe verleden tijd.
Huygens is bijna op zijn einde, qua verhaal en qua leven, Ik moet er straks nog zo’n 20 bladzijden aan trekken. Daarna ligt ‘Ik ben een eiland’ nog op het slot te wachten, want morgen zijn de twee boekenclubs achter elkaar. Dat is maar goed ook, want in de agenda is er nauwelijks meer een gaatje over, als ik er nog drie tuindagen in wil voegen. Dat is nodig voor de laatste te vlechten staken en de bewerking van de grond. Daarna kan dochterlief haar passie botvieren en alles doen zoals ze zelf wil. De tuin tot bloei, niets is leuker toch.
Zo is het. Ieder huisje heeft zijn kruisje, maar het ene is van hout en het andere van lood. Ik zei het hier al eens, een mens moet chance hebben in het leven!
LikeGeliked door 1 persoon
Maar fijn te lezen dat julie zo’n leuke namiddag hadden.
LikeGeliked door 1 persoon
Dat was het zeker, alsof alle jaren er tussen uit vielen❤️
LikeGeliked door 1 persoon
Precies Lieve❤️
LikeGeliked door 1 persoon