Overpeinzingen

Nieuwe bevindingen

Wat een heerlijk weer was het gisteren. Omdat vriendlief zijn e-reader vergeten was na onze boekenbabbel gingen we richting volgende dorp om die op te gooien en daarmee was de bestemming voor een wandeling al ras bepaald. We zouden naar het IJsselsteinse bos gaan, waar Lief nog nooit geweest was. Maar eerst langs onze lieve vrienden. Daar was de vrouw des huizes aan de poets. Ze zouden die avond visite krijgen en tja, dan moet een en ander schoon. Het was heerlijk om haar te kunnen omhelzen, want wij hebben samen tien jaar lang als backing vocal opgetreden met onze coverband. Dat schept een band en ik had haar al een tijdje niet meer gezien. Tien jaar lang hebben we lief en leed gedeeld van oefenavonden, optredens met het opbouwen, omkleden op de meest onmogelijke plekken tot het afbreken in de nachtelijke uren aan toe. Af en toe keken we elkaar aan om te verzuchten:’Waarom doen we dit eigenlijk’. Haha, maar als we eenmaal op de bühne stonden viel alles van ons af en gingen we ervoor. Het was een mooie tijd en het heeft vele dierbare herinneringen opgeleverd.

Na een kwartiertje gingen we verder. Op naar het bos via sightseeing IJsselstein. Er stonden een paar auto’s van mensen, doorgaans met honden, die eveneens aan de wandel waren. Vooral de stilte viel direct op. Heerlijk, geen ruisende snelwegen, geen druk doorgaand verkeer maar oorstrelende rust. Halverwege het eerste pad kwam ik een bekende tegen. Het korte praatje vloog direct alle kanten op. Met een dikke knuffel voor haar jongste zoon, die bij mij in de groep had gezeten en waar ik zulke goede herinneringen aan had, wandelde dat mooie stukje verleden verder.

De bomen in het bos stonden er in een natuurlijke habitat, veel braam er tussen door, dat er een potje van maakte en in een kluwende wirwar hier en daar aan het woekeren sloeg. Hoog boven ons een specht met zijn roffeltjes en een antwoord in het bos ervoor van zijn kompaan. Een haas in het veld aan de einder, het riet dat goud spon in het felle zonlicht en modderpaden waar soms bedachtzaam omheen gelopen diende te worden. Geluk zit in de schoonheid der kleine dingen.

Drie reigers hadden we al roerloos in het gras zien staan, weliswaar in de buurt van de bevroren sloten waar nu niets te halen viel, maar met de kop de andere kant uit, op jacht naar muis en mol. Achter de laatste ontwaarden we twee fazanten, al snavelend in het natte gras.

Na alle moeizame dagen hengelend naar zuurstof bemerkte ik voor het eerst weer dat een en ander makkelijker was en we konden er goed de pas in houden. Dit soort momenten zijn cadeautjes. We bleven nog even talmen op de toegangsbalk voor het bos met de koppies in de zon. Weldadige warmte.

Op de terugweg de boodschappen. Ouderwetse krieltjes met snijbonen en een vega kaasschnitzel maar ook nog een ritje naar de Nedereindse plas, waar Lief nog nooit naar toe gelopen was en dat toch zo voor de hand lag. De verbazing over de grote van het natuurgebied met de vele meeuwen, eenden, zwanen en meerkoeten verbaasde hem en hij nam zich voor om de volgende dag er eens goed op uit te trekken om de boel te verkennen terwijl ik de bloemetjes buiten zet met mijn twee lieve dametjes. Het is nooit te laat voor nieuwe bevindingen.

Een gedachte over “Nieuwe bevindingen

Reacties zijn gesloten.