Overpeinzingen

Missie geslaagd

Het is nog geen zes uur en alle zussen liggen boven op een oor. Ondanks een vermoeiend dagje gisteren en na een enerverende droom was ik opnieuw wakker bij het gefluit van merel en van lijster. Van elk hipten er twee op het gras toen ik beneden kwam.

We zouden naar de andere kant van het eiland rijden. Zuslief wilde zo graag nog de geur van uienschillen ruiken, die daar aan de schapen werden gevoerd en naar het vogelreservaat vlak achter de Westerschelde. Een vorige vakantie, toen we in Driewegen zaten, hadden we dat gebied met de fiets helemaal uitgekamd. Iets wat ikzelf te prefereren vind boven de auto, omdat er zo oneindig veel meer te zien valt. Nu reden we naar Vrouwenpolder. Natuurlijk was er een markt en voldoende eettentjes om de toeristen te stallen. De enige kledingzaak moest bezocht worden. We dronken een kopje koffie of thee, slenterden de markt over en sloegen wat haring en broodjes makreel in voor de traditionele zussen-picknick.

De zussen hadden het strand voor ogen. Doorgaans een behoorlijk obstakel voor mij door de hoge duinen aan deze kant, wat niet verwonderlijk was met een ramp als 1953 in het geheugen gegrift. We kozen voor het Banjaardstrand in Noord-Beveland en meteen werd duidelijk hoe ver het zonnen aan het strand met een heel gezin van mij af stond. De jongste zus worstelde met een paraplu om mij nog een beetje schaduw te bezorgen en het meegebrachte foulard was net niet helemaal groot genoeg voor ons vieren, dus werden spijkerjack en vest ingezet.

Om ons heen vrolijkheid ten top. Een kind dat zich had laten ingraven tot aan haar hoofdje, terwijl rondom haar lijf een zeemeermin van zand verscheen, lachende, pratende, smerende, etende en vooral zonnende mensen onder kleurrijke parasols en strandtenten, het wandelpad werd druk bezocht. Eigenlijk was het een prima strand, niet te groot, niet al te druk voor deze tijd van het jaar en de strandhuisjes aan de rand, een soort veredelde kleedhokken, waren goed voor de aanwezige senioren. Strand als een groot ontdek-paradijs. Het was ver weggezakt.

Daarna reden we naar Colijnsplaat waar we in de jachthaven een borreltje wilden doen maar waar het restaurant niet meer werd uitgebaat. Toch lagen er genoeg jachten in de haven als klandizie. Kennelijk niet lonend genoeg. Het dorp bood meer soulaas. Op de hoek een mooie ouderwets bruine kroeg met een joviale eigenaar, die in bleek voor een praatje. Hij was een aantal jaren geleden naar het dorp gekomen en genoot van zijn kostbare bezit. De toog was glanzend opgewreven, de glazen gepoetst. In zijn accent was geen Zeeuw te bekennen en hij vertelde dat hij wel van origine een Zeeuw was, maar al een aantal jaren in Rotterdam had gewoond.

Na de lafenis was de Voorstraat een uitnodigend idyllisch straatje om door te wandelen met een wat rommelig winkeltje met snuisterijen en prijzen die er niet om logen en een kunstwinkeltje, waar zus binnenstapte en waar juweeltjes te vinden waren van huisvlijt. Erachter bevond zich het atelier van de man des huizes, niemand minder dan Albert Groenheyde. Om er te komen, wandelden we door een fantastische tuinkamer en aangelegde tuin. Overal hingen de mooie doeken van de kunstenaar. Indrukwekkend en we wilden graag even naar het atelier. Daar keken een aantal meer of minder bekende personen uit de muziekwereld, het cabaret, de televisie en de filmwereld op ons neer. Enorme doeken met een grillig lijnenspel, fel en veel kleurgebruik en een opmerkelijke stijl van deels geschilderd, deels getekende portretten. We waren onder de indruk. Wat een werk. Twee keer had hij mee gedaan met Sterren op het Doek en daarbij Bart Chabot en Sonja Barend vereeuwigd. Van de zussen kreeg ik het boek ‘Tekeningen en schilderijen’ met een handtekening van de schilder zelf, die ons bijzonder prettig te woord stond en geduldig antwoord gaf op de vragen. Af en toe moest hij even herinnerd worden aan de namen van zijn doeken.

Dat was aangenaam. Nu was Baarland aan de beurt. Warempel, naast de Westerschelde en bij het vogelgebied dat zuslief met haar camera wilde vereeuwigen. Waar de beelden in onze telefoons in grove pixels uiteenvielen, waren die van haar met de grote lens haarscherp.

Vogels zover als het oog reiken kon, drassig laagland en schapen tegen de dijk. We roken de uien. Drie in één. Missie geslaagd.