Overpeinzingen

Om te koesteren

De werkkamer is, op de tassen voor de kinderen na, opnieuw helemaal klaar voor gebruik. Er valt weer te zitten, te lopen en er is nog steeds bergruimte. De dagboeken staan gezusterlijk op één plank bij elkaar dit keer. Ook nu gingen persoonlijke brieven, kattebelletjes, kaarten en ansichten weg, alleen de vakantiekaarten van mijn ouders en de brieven van mijn moeder zijn er tussenuit gehengeld. Wat heeft ze enorm veel geschreven. In de acht jaar dat ik in Leiden woonde, kregen we iedere week een brief helemaal volgeschreven tot aan de zijkanten en de bovenkant toe. Geen regeltje wit meer te zien.

Vannacht kwamen de ‘te-doen-lijstjes’ weer spoken. Dat vinden ze leuk. Het begint met de visite voor morgen. Dan komen alle kinderen en kleinkinderen mijn verjaardag vieren. Die is pas 1 september, maar dan maken we ons op voor de reis. Wat zet ik ze voor. Een lekker soepje, stokbrood met wat kazen, pannenkoekjes of ga ik voor de klassieke borreltafel van vroeger, te beginnen met de huzarensalade van mijn moeder, de vega-gehaktballetjes, de kaas met een zilveruitje erop geprikt, de vega knakworst in bladerdeeg, een augurkje in een plakje salami, gevulde eieren en als drank de grote bowlschaal met vers fruit, vlierbloesem-siroop en munt en sprankelende bubbels. Alles klaar zetten op de grote tafel en zelfbediening. Wie honger heeft, hapt wat. Dat lijkt me zo relaxed.

Beginnen met thee, koffie, sapje of water voor de kinderen en taart natuurlijk. Als we bij elkaar zijn, zijn we met 22 mensen. Dan is dit een fijne manier . De kinderen kunnen spelen en eten en wij hebben voldoende tijd om wetenswaardigheden uit te wisselen. Als het mooi weer blijft, kunnen we in het park aan de overkant aan de wandel gaan.

Zo bedenk ik het menu bij elkaar, terwijl er enkele sterren aan het pinkelen zijn, er een zwoele nachtbries door het open raam waait en alles nachtelijk stil is op het geruis van de A2 na. Als er ineens een hevige regenbui losbarst moet ik de ramen op een kier zetten omdat het inregent. Even plotseling als ze gekomen is, is ze ook weer verdwenen. Lief is diep in slaap maar wordt op den duur wakker door mijn gewoel. Ik probeer me verder stil te houden. Pas tegen zessen val ik in slaap vol met dromen over school, beeldend werk dat voor geen meter klopt en waar de kinderen mee aan de haal gaan. Dat komt vermoedelijk door de heen-en-weer-schriften van mijn collega en mij, die ik gisteren heb doorgekeken. Opvallende gebeurtenissen op een werkdag, de lesstof aangehaald, de perikelen besproken. In mijn droom luistert er vooral niemand naar mij. Gelukkig strookte dat niet met de werkelijkheid. De schriftjes heb ik bewaard.

Er was ook nog een portfolio van een kind, dat halsoverkop vertrokken is van school. Door het vele werk dat we er aan hadden om het te maken en door de leuke projecten die er in stonden, kon ik het niet over mijn hart verkrijgen om het weg te doen. Er staat een foto in van mijn ‘Bike-Art’’ die we destijds gemaakt hebben. Een fiets met geweven stroken stof door de spaken heen, die in de gemeenschapsruimte als ‘Kunst’ aan de muur werd gehangen. Ook een foto van mijn weefgetouw, dat bestond uit tule dat in een leeg frame van een poppenkast was gespannen. Zowel aan de binnen-als aan de buitenkant zat een kind, ze kozen een draad en gaven de naald aan elkaar door, dwars door het tule heen. Zo borduurden ze een waar kunststuk bij elkaar. Dat was in het kader van samenwerken.

De kinderen mochten de portfolio’s vullen met foto’s, al dan niet zelf gemaakt van hun prestaties en dan aan mij vertellen wat ze er van geleerd hadden. Dat schreef ik erbij. Zo’n leuke pilot werd het, dat we het hebben doorgezet voor de volgende groepen. Dergelijke ingevingen en acties mis ik, zeker bij het zien van de beelden. Om te koesteren.