Het zag er allemaal wat dreigend uit, maar toch besloten we om voort te maken en wat vroeger naar de tuin te gaan, om alle rommel van de dag ervoor op te ruimen en alles in goede banen te leiden. Dat hield in dat alle takken kort werden gemaakt, dat de wilgentakken van vorige week verder gevlochten werden in het hekwerk van de composthoop en dat het gras op de kortste stand gemaaid werd.
Lief bracht alle volle vuilniszakken in de kruiwagen naar de auto. Al het snoeihout konden we dumpen in de compostbak van de gemeentewerf. Negen stuks om precies te zijn. De hele dikke takken van de kronkelwilg stapelde ik tegen het vlechtwerk achter het atelier aan. Zo werd het een opgeruimd en overzichtelijk geheel. Hier en daar nog wat ontgrassen en dan kon ons paradijs weer een weekje er tegenaan tot de volgende sessie. Moe maar voldaan puften we uit. Missie geslaagd.
Op de grote pollen moerasandoorn kwamen heel veel hommels af, die luid zoemend rondvlogen en zich bij elke bloem laafden aan de nectar. Bijen lieten zich al dagen niet zien. Het schuurtje waar de korven staan was ook helemaal aan het oog onttrokken door braam en het groot hoefblad. Daar kon een imker nauwelijks bij.
De dag werd gekenmerkt door een zware stroperige atmosfeer en het viel niet mee om door te blijven werken. Achteraf waren we blij met de volharding, want het resultaat mocht er zijn.

Op de terugweg naar het hek genoten we van de zwanenbloem in al haar schoonheid. Als je goed keek dan zag je dat haar stampers op kleine zwaantjes leken. De sloot lag er verstild bij onder een indrukwekkende wolkenpartij, weerspiegeld in het water. De dames schaap hadden bezoek van twee eksters die parmantig van rug naar rug vlogen, op zoek naar lekkers, tussen de rulle vacht. Ook een manier om je kostje bij elkaar te scharrelen. Vanuit die hoge positie konden ze met gemak een wakend oog op hun omgeving houden. Het deerde de dames niet.
Met de auto volgeladen reden we naar de werf. Daar was meer dan genoeg plek om de zakken te lossen. Ziezo, opgeruimd staat netjes. Een bliksembezoek aan de Kringloop, waar een vrouw met vier kinderen bij de pashokken stond. Het grut teemde om het hardst om de beurt bij hun moeder om tule rokjes en ander begerig spul te mogen krijgen. Die schipperde en laveerde om ten slotte met de armen vol bij de kassa te belanden. Ik moest denken aan mijn eigen tijd bij deze kringloop. Zonder had ik het met de kinderschaar nooit gered met de uitkering die ik destijds kreeg.
Hoera, er lag een kinderboek in de bus. Daar had ik heel de week al naar uitgekeken. Ted van Lieshout met ‘Rozen voor de zwijnen’, een boek dat aan de hand van een schilderij van de oude Van Bruegel minstens 100 spreekwoorden behandelt. Een uitgelezen manier om aan te tonen dat leren niet droog en saai hoeft te zijn. Een goede aanvulling op het thema van de nieuwe editie van ons blad. De prachtige uitvoering was de bonus.
Bij de buren bleek ook het boek ‘Geld, geloof en goede vrienden’ van Laura van Hasselt afgegeven te zijn. Binnen twee dagen in mijn bezit, waar ik bij een ander al een hele maand aan het wachten was. Het is een biografie over Piet van Eeghen, die een groot aandeel had in de metamorfose van Amsterdam in de negentiende eeuw met lovende kritieken van Trouw, de Volkskrant en Biografieportaal.
Uit Hongarije had ik een pak zwarte rijst meegenomen. Vandaag was een uitgelezen dag om er een mooi gerecht van te maken. Met aubergine-steak uit de oven, Harissa en de zwarte rijst met munt en koriander, stond er binnen drie kwartier een heerlijk gerecht op tafel. De granaatappelpitten ontbraken want die had ik niet in huis. En de honing waarmee de aubergine werd geglaceerd had ik, bij gebrek aan beter, vervangen door maple-siroop. Al met al een bijzonder smaakvol geheel en voor herhaling vatbaar.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.