Wat moest gebeuren was vooral het snoeiwerk dus daar begonnen we alletwee maar mee. Helaas heeft dat als consequentie een berg takken die je vervolgens weer moet afvoeren of anderszins. Vooral van de kronkelwilg kwam veel af. Die hadden we niet goed in de gaten gehouden en was te ver doorgeschoten. Daar tussendoor schoonde ik de helft van het eerste bed op en pakte lief het achterste stuk aan.
Zo sloegen we de tijd stuk met snoeien, spitten, wieden en ik probeerde tussendoor nog een deel van de wilgentakken te vlechten voor een sier-hekwerk. Het was eigenlijk teveel werk voor de tijd die ons gegeven was en we besloten met vijf zakken groenafval voor de composthoop en de lange takken van de vlier en de wilg de boel de boel te laten. Eerst een paar lekkere hapjes en een glaasje om even bij te komen en daarna op huis aan. Te moe voor van alles.
Vandaag gaan we terug voor het opruimen en het maaien, daarna is al het werk voor na de korte vakantie die er aankomt. Mijn moeder zei in dergelijke gevallen: ‘Het werk wacht wel’. En daar is geen speld tussen te krijgen.

Over de veerkracht van de natuur gesproken: De orchidee bloeit weer. Vorig jaar kreeg ik op mijn verjaardag van mijn zus een orchidee, een bloem waar ik aanvankelijk niet zo veel mee had. Maar deze was zo prachtig van kleur dat we bij het vernieuwen van het interieur haar tinten als leidraad hadden genomen. Vooral het oudroze voerde de boventoon. Pas na ruim driekwart jaar begon ze haar blad te verliezen en belandde ze met haar kale stengeltjes op de werkkamer. Wel waren er wonderlijke balletjes gegroeid. Tot mijn verbazing zag ik dat twee van hen stilletjes en bescheiden waren opengegaan en dat er nogmaals twee prachtige bloemen aan waren gekomen. Natuurlijk moest ik zus even appen wat er voor wonder was geschied. Zij zond een foto over van de hare, die als je maar een rustperiode geeft aan deze planten, steeds weer in bloei komen. Broerlief antwoordde toen ook onmiddellijk over zijn orchidee en dat het plantje vaak lang geen water kreeg. Rust roest niet, in dit geval.
In het boekje over de Victoriaanse taal van bloemen leerde ik dat deze orchideeën in dat specifieke bloemrijke tijdperk , met haar weelderige tuinen vol bloei, vooral gedragen werden in derevers van de man, of werden verwerkt in de kapsels van de vrouwen. Men bestudeerde de symboliek die er in verscholen lag. De schoonheid van de orchidee en haar zoete geuren, ‘s morgens naar gras, ‘s middags naar honing en ‘s avonds naar de sleutelbloem, werden hooglijk op prijs gesteld. Marcel Proust staat op een portret afgebeeld met een witte orchidee in zijn knoopsgat en hij gebruikte in zijn proza ‘De kant van Swann’ de orchidee als symbool voor de liefde.
Het klavertje van beneden, dat qua tint zo harmonisch kleurde bij deze orchidee, had ineens deze maand ook weer de geest gekregen en haar dankbaarheid was een volledige nieuwe groei. Alsof ze het heeft aangevoeld. Door geen gehoor te geven aan de drang om onmiddellijk iets weg te gooien als het kaal en zieltogend oogt, levert het een dergelijke beloning op. Beide planten weer in volle glorie hersteld dankzij liefde, geduld en vertrouwen.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.