Overpeinzingen

Niets is minder waar

Nog geen alarmbellen bij zoonlief en zijn gezin. De baby heeft besloten om, ondanks alle hulpmiddelen, nog een dagje langer te blijven zitten. Nu gaan ze een pilletje in de strijd gooien. Wat ze tegenwoordig niet allemaal uit hun medische hoge hoed toveren. We blijven duimen.

Gisteren heb ik in de vroege ochtend de kast op haar plek geschoven. Daarvoor moest ik wel eerst een heleboel spullen een andere plek geven. De helft in het kastje, en de andere helft op zolder en aardig wat kringloop-en-grof vuilspullen. . De la in de kast dient weer als la voor majo’s, sokken en ondergoed. Daardoor kwamen twee grote bakken vrij. Uit de grote onhandige plastic bakken konden de foto’s daar naar toe worden getransporteerd. Ze zijn nu hanteerbaarder bij het uitzoeken. Voor alle schoolfoto’s moet ik nog eens een goede oplossing bedenken. Ze zijn te talrijk en niemand hier kent de kinderen nog die er op staan, behalve ik. De dozen met memorabilia, brieven, tekeningen, mappen met bedankjes, oud schoolwerk, plakboeken van de jongste mogen in de grote onhandige bakken en dan naar zolder. Heel veel brieven van mijn moeder aan lief en mij uit de jaren zeventig nog, die op de een of andere manier niet bij de map met brieven van mijn moeder is gekomen. Het doornemen hiervan betekende weer een reis door het verleden.

Er waren nog aardig wat brieven met verhalen die de oude buurt te voorschijn riepen, zowel die van het ouderlijk huis als die van ons in Leiden. Er was een hilarisch verhaal bij over zuslief, die haar contactlens verloren was in een pashokje van C&A. Ze had daar met een verkoopster alles nagezocht en niets gevonden. De volgende dag is mijn moeder op haar fietsje met haar leesbril bij zich naar de winkel gefietst en heeft net zolang met argusogen over de vloer gekropen en elke millimeter afgezocht tot ze hem in het laatste hok had gevonden. ‘f 80,00 gulden gewonnen’, schreef ze triomfantelijk.

Dat was mijn moeder ten voeten uit. Door het grote gezin was ‘zuinigheid met vlijt’ een van haar eerste stokpaardjes. Elk dubbeltje werd vroeger omgedraaid. Handig om dat mee te krijgen, want toen ik in zo’n periode zat, had ik daar ook geen moeite mee. ;Het moet uit de lengte of uit de breedte’ hoorde daar ook bij, Ze wist er altijd en overal wel een mouw aan te passen.

Gisteren brachten we bij zoonlief en de familie even het pakje van de globetrotters voor de kleine pork. We hadden het over gezondheid en ik vertelde lieve schoondochter dat ze aan de bel moest trekken als dat nodig was. ‘Welke bel’, vroeg bijdehante kleindochter. ‘Wel, dan ga je zo staan en trek je aan een willekeurige bel, kijk zo’. ‘Met de dokter kunt u even op bezoek komen’ riep ik terwijl ik aan ‘de bel’ trok. Ze lag dubbel van het lachen en deed het prompt na. Sommige kleine potjes hebben grote oren.

Het eerste boek is binnen. ‘Man in het Wild’ van Jaco Benckhuijsen. Fijn, weer wat leesvoer. De strekking is duidelijk. Op de achterkant staat: ‘Man in het Wild is een verhaal over alleen leren zijn, meebewegen met de golven en het aangaan van een diepe fysieke verbintenis met de omgeving’. De ondertitel zegt ook; ‘Langs de rafelranden van de wereld’. Jaco maakte met zijn vouwkajak drie solotochten langs wilde kustgebieden en ruige eilandengroepen. Hij had er bijzondere ontmoetingen en moest enorme fysieke inspanning leveren. Dat belooft wat.

Vandaag gaan we dus nog even in de wachtstand en hopen op een voorspoedige bevalling. Ze is in goede handen. Al mijn bevallingen vonden in het ziekenhuis plaats op indicatie. Daardoor voelde ik me dan ook wel gelijk heel veilig. Bijzonder dat iedereen een eigen weg vindt daarin, weliswaar soms zonder een echte keuze over het ‘hoe’ te hebben.

De gierzwaluwen scheren laag over, dat betekent straks regen in de sloot. Een flinke slok water kan moeder aarde wel gebruiken. Als alles achter de rug is kunnen we op de tuin aan en ons verbazen over wat we daar aan treffen. In ieder geval nemen we de zaag en de grote snoeischaar mee om de boom voor het balkon hier en daar wat in te korten, want haar takken rijzen de pan uit en nemen langzamerhand veel licht weg. Zo volgen de dagen elkaar in een aardig tempo op. In een van de brieven stond: ‘Zo’n dag rolt zich vanzelf uit’ en niets is minder waar.

Een gedachte over “Niets is minder waar

Reacties zijn gesloten.