Op een van mijn natuurspeurtochten reed ik Beesd in, op weg naar Culemborg waar ik via het Spoel langs de Lek wilde afzakken. Mijn blik werd eerst gevangen door de opmerkelijke lichte groene kruinen van de bomen die uit waaierden boven de drukke weg. In een glooiende beweging zette het zonlicht ze in volle gloed, waarna ze terug gleden in nederigheid, maar niet minder aanwezig. Het fluctueerde met de wolkenpartijen mee, die zich kolkend mee lieten drijven op de onstuimige wind.

Daar moest even bij stil worden gestaan. Auto stallen in een zijstraat en het kunstenaars-oog vrij zicht geven op het spel van licht en schaduw en de vele groenschakeringen, die speelden met het tere veervormige blad.
Na lafenis aan het prachtige uitzicht, dat zich niets aantrok van de schare file-ontvluchtende auto’s onder die rijkdom, viel mijn oog ineens op de overkant van de weg. Daar stond een telefooncel. Zoete nostalgie. Waar vind je tegenwoordig nog een ouderwetse hulppost voor noodgevallen. Deze cel was niet leeg. Aan de achterwand, tussen de telefoon in, stonden planken vol boeken, geen telefoonboeken, maar leesboeken. Het was verbouwd tot een hulppost voor het lenigen van leesnood. Wat een gaaf idee. Natuurlijk ken ik de ontelbare minibibliotheken aan huis en in de straten, maar dit stond letterlijk als een huis. Geen omgebouwd konijnenhok of een verlaten duiventil, geen lief oud buffetkastje of een haastig in elkaar getimmerd kot, maar een kloeke ruimte van staal en glas met rissen boeken. Mijn vingers liepen over de verstilde ruggen en lazen de titels. Twee klassiekers, Gullivers reizen en een vergeten titel, die ergens in mijn achterhoofd om de deur der openbaringen bedelt.

Boeken-noodhulp voor de dorstige lezer en een perfect middel om de boekenrijkdom van deze wereld te delen met anderen. ‘Bellen met boeken’, ‘Uitgelezen terwijl u wacht’ en meer van dat soort kreten schuiven voorbij. Deze wisselbieb schaart zich moeiteloos onder de andere alternatieve inwisselmethodes zoals het zwerfboek, de ‘Perronotheek’ in Houten waar je kan wachten met een wisselboek, de boekenboom in Zwijndrecht, die al een beetje haar spontaniteit verliest in het doorwrochte ontwerp en de telbare ander mogelijkheden.

Elke school kent overvolle boekenkasten. Een paar jaar geleden, toen ik verschrikkelijk veel kinderboeken overhield aan een actie boekenkerstboom maken en derhalve afgeschreven boeken van de bibliotheek mocht komen ophalen, hebben we eerst een gigantische boekenkerstboom gebouwd tijdens de kerstmarkt. Daarna waren er boeken te over en om die door de papier shredder te jagen, leek eeuwig zonde. Een gedeelte ervan belandde voor de kerstvakantie in een winkelwagen met de aankondiging ‘Gratis mee te nemen’. Die kar vol was binnen een halve dag leeg.
Voor de andere helft richtte ik een wisselbieb op met het motto: Ga maar zoeken tussen de boeken, als je een leuke ziet neem je het mee, heb je er een uit, dan kan je hem hier weer kwijt. De onderbouw had al gauw haar weg gevonden en de kinderen vroegen iedere morgen of ze even een boek mochten uitzoeken. Dat altijd nog liever dan ze naar het oud papier te brengen.
Ik hou van boeken, al mijn hele leven lang. Er zijn er veel te veel, ik weet het. Je kan alles bijna digitaal lezen, maar ruiken kan je ze niet, sfeer proeven…kloek, ragfijn, vormgeving van de kaft, lettertype, antiek, vergeeld, modern…Mijn hele ziel en zaligheid zit in mijn eigen boeken, drie wandkasten vol. Ik heb ze in een opruimwoede ooit eens naar de zolder verbannen en heb daar jarenlang alleen maar het gemis door gevoeld. Lang leve de wisselbieb en het zwerfboek. Geef ze op school de ruimte, die letterzwervers.
Boeken is reizen zonder te boeken, in een luie stoel, thuis of onderweg, je even verliezen door tijd en ruimte te overbruggen en als je het avontuur voorbij bent, stort je je gewoon weer in een nieuw.
Echt supertof, een telefooncel omgetoverd tot mini-bibliotheek!
LikeLike
In Beesd te bewonderen en te bezoeken! 😉
LikeGeliked door 1 persoon
En niet om mee te nemen? Haha.
LikeLike