Uncategorized

Hoe eerder, hoe beter

Nu de risico’s nog steeds groot zijn, besef ik dat de terugkeer naar het vrijwilligerswerk nog lang niet aan de orde is. Het betekent, dat heel veel mensen die ik daar ontmoet heb, zijn blijven steken in het beeld op mijn netvlies, gestolde foto’s sinds maart van dit jaar. De patiënten zijn niet uitgekristalliseerd tot doodziek, de zwakkeren onder hen, pinkmager vaak, zullen blijvend ronddolen in mijn gedachten. De armbandjesvlechtende mevrouw, het doorschijnende jonge meisje, die vermoedelijk ouder was dan ze leek, de oude man in zijn magerte, geen gram teveel, toen al niet, het echtpaar, zij lezend aan het voeteneind en hij trots op zijn schilderijen, de dolende vrouw en al die anderen. Allemaal stilgevallen in mijn beleving. Hoe zijn zij deze crisis te boven gekomen. Zijn ze gewoon blijven gaan naar het ziekenhuis? Zo’n chemo breek je niet zo maar af en de immuuntherapie al helemaal niet. Ik weet, dat men destijds ermee bezig was om deze therapie aan huis te geven. Een hele verbetering ten opzichte van iedere keer weer die gang naar het ziekenhuis.

Gisteren zag ik een stukje van Jinek. Ze voerde een gesprek met de directeur, een intensivist en een verpleegkundige van een Brabants ziekenhuis, dat het zwaarst getroffen was. Ze hadden opnames gemaakt vanaf het begin. Er was een gesprek bij van de intensivist met een vrouw, die in coma gebracht zou worden en afscheid moest nemen van haar man. Jinek verbaasde zich over de rust, waarmee uit de doeken werd gedaan hoe een en ander zou worden aangepakt. Een van de professionaliteiten van een arts of verpleegkundige is de angst en de onzekerheid uitbannen, zodat men vertrouwen krijgt in wat er komen gaat. Maar de keerzijde werd ook getoond. De directeur die vanuit zijn raam naar het mortuarium kijkt en ziet hoe partytenten er naast werden opgesteld, waarbij de realiteit doordrong, zo helder als het wrange zeildoek zelf. Mijn God, er zijn niet genoeg koelcellen. De opmerking van de intensivist, over de wereld van verschil binnen en buiten de muren, werd als een ader bloot gelegd door de ontzetting van de directeur. Men stond nog steeds ‘aan’, omdat het onbekend was hoe het zich verder zou ontwikkelen. De alertheid had grote impact. Ze voelden zich door en door verantwoordelijk en toch evenvaak zo machteloos. Ze waren moe, doodmoe.

Ik dacht aan de afdeling en al die mensen daar, die het vuur uit hun sloffen liepen tijdens een gewone werkdag. Hoe was het met hen gegaan. Namen ze nog steeds de status van de afdeling door in de ochtend. Waren ze nog steeds opgesplitst in tweetallen voor een aantal kamers. Op maat gesneden zorg, zodat ieder de aandacht kreeg die hij of zij verdiende? Was het nog mogelijk geweest om deze patiënten, die nu een dubbel zwaard van Damocles boven hun hoofd hadden, gerust te stellen. Of maakte het niet meer uit. Veel waren al uitgestreden en berustend in hun weinig rooskleurige toekomstbeeld. Te allen tijde zou de verpleging er voor gaan, dat is inherent aan de beroepskeuze.

Een wereld van verschil, dat is het zeker. Zodra je het ziekenhuis instapt, zijn er andere prioriteiten en verdwijnen de wissewasjes. Mensen die ziek zijn, zijn gelijk. In de nietigheid van dat lijf, dat veren kan laten vallen en tegelijkertijd ook kan opveren en daarmee zichzelf verheft. Het blijft gissen en duimen draaien, net zolang tot we weer aan de slag kunnen. Hoe eerder, hoe beter.

5 gedachten over “Hoe eerder, hoe beter

Laat een reactie achter op Mrs. T. Reactie annuleren

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s