Uncategorized

Met het leven verweven

Als ik mijn ogen dicht doe, reis ik af, samen met zus, over de Afsluitdijk, kijk met Vasalis mee in haar bus en zie de matrozen in het donker, terwijl het gras er hard en stug of juist sierlijk wuivend en zacht, door heen snijdt. Dat is de invulling, die we er gratis bij verzinnen. Dan staan er gorgels om ons heen, ze hebben zich in de reten en kieren van de bagage gepropt en rijden samen op met de Waddennatuur, die Wolkers zo vaak beschreven heeft. Schokland ligt verder weg, maar de sfeer van het oude dorpje, waar haar voeten ooit door het water heen heeft gewaad, is sterk aanwezig, net als de bewoners in hun schamele kledij, die wachten op de tocht der tochten in een vooruitzicht te aarden op de vaste grond. Geklonken geschiedenis, gedachten in een vrije val.

Ik weet wel waar de beelden vandaan komen. In een hang naar ruimte, kop in de wind, totale vrijheid, meeblazen op de uitwaaierende hersenspinsels, heb ik vanmorgen in overleg met zuslief, Vlieland geboekt, hotel en boot. Slechts twee nachten maar meer dagen, omdat we, vroeg, met de eerste zonnestralen, richting Afsluitdijk rijden om in Harlingen aan en af te meren. Wadden zijn bij uitstek vrij van het benauwde begrensde land en zonder auto met meer, nog beloofde, poëzie. We zijn benieuwd en nu rest niet anders dan een paar dagen erover dromen en matrozen te zien. Nooit meer kan ik de Afsluitdijk over zonder het gedicht te horen verklanken in mijn hoofd. Niet als, maar echt een zeemeermin in bussenlicht, vrij gedicht.

AFSLUITDIJK

De bus rijdt als een kamer door de nacht
de weg is recht, de dijk is eindeloos
links ligt de zee, getemd maar rusteloos,
wij kijken uit, een kleine maan schijnt zacht.

Vóór mij de jonge pas-geschoren nekken
van twee matrozen, die bedwongen gapen
en later, na een kort en lenig rekken
onschuldig op elkanders schouder slapen.

Dan zie ik plots, als waar ´t een droom, in ´t glas
ijl en doorzichtig aan de onze vastgeklonken,
soms duidelijk als wij, dan weer in zee verdronken
de geest van deze bus; het gras
snijdt dwars door de matrozen heen.
Daar zie ik ook mezelf. Alleen
mijn hoofd deint boven het watervlak,
beweegt de mond als sprak
het, een verbaasde zeemeermin.
Er is geen einde en geen begin
aan deze tocht, geen toekomst, geen verleden,
alleen dit wonderlijk gespleten lange heden.

———————————————-
uit: Parken en Woestijnen (Amsterdam 1940)

008.jpg

Literair ontdek ik nog een nieuwtje, terwijl het boek er al jaren staat. Ergens in de boekenkast ontdek ik, vrijwel onaangetast, de brieven van van Gogh, terwijl ik vorige week, zo even op een mensenleven, ‘De kunst van het woord, zijn mooiste brieven’ heb gevonden en gered uit een tweedehands bestaan. Gebonden en in dundruk met aangename afbeeldingen van zijn schilderijen, de kraaien boven het korenveld. Het bracht me, waar ik ooit was, in Auvers-sur-Oise, waar ik met dochter hetzelfde pad bewandeld had, en uitzag over de velden, die in aanblik heden en verleden samensmolt. Geen kraaien maar zijn korenveld zonder onweerslucht. De eeuwigheid spijkerde het beeld voorgoed in het geheugen en nog voel ik intens wat er toen door me heen ging. Daar méér dan later bij de graven van de beide broers. Het vergeten boek in de kast, dit nieuwe zoveel mooiere exemplaar, dat er voor zorgen zal, dat ik samen met van Kooten en zoveel anderen op zoek ga naar de literaire van Gogh, zonder quotes, maar meer in de samenhang der dingen, het moest zo zijn..

007

Straks hangen ze als verse regels in mijn hoofd te drogen om memorabel vorm te geven aan gedachten. Het blauwe hemelse lint voert de gelezen bladzijden aan, het komt straks in de trolley, mijn ‘leren is leuk’ koffer, als we de boot op gaan.

Iemand herinnerde mij op Facebook aan Ohara Koson’s kraaien. Een van hen werd afgebeeld in een stilistische tegenstelling met tere kersenbloesem. Een prachtige schaduw van kracht. Ze vervloeit met de beelden van de dansende kauwen boven de bomen voor de flat. Met hun lokkende roep houden ze hun eigen voorjaarsgebed en ik verbaas me over de veelheid. Er worden daar meer Goddelijke citaten afgestoken dan in het middenschip van de kerk. Ze lokken, ze voeren , ze zijn de vrijheid van het bestaan. Op vleugels, boven een paar bomen, een korenveld, een kerk in Schokland, het IJsselmeer. Ze vliegen mee in de betovering van de busramen van Vasalis, al zijn ze niet beschreven. De kracht van de herinnering met het leven verweven.

 

6 thoughts on “Met het leven verweven

Comments are closed.